u bent hier: Home > Nieuws > Interviews > Ganzenveerinterviews > Annabel Nanninga

Ganzenveerinterviews: Annabel Nanninga

GEPLAATST OP: 11 januari 2017

Annabel Nanninga is freelance columnist en journalist van o.a. The Post Online, Veronica Magazine en Revu. En door haar deelname aan Studio Pow Ned als een van de opiniemakers, èn als deelnemer in de populaire kennisquiz De Slimste Mens, is ze tegenwoordig ook televisiepersoonlijkheid.

Hoe ben je ooit ‘met je kop’ op televisie gekomen? Ben je sindsdien anders gaan schrijven? Of je anders gaan gedragen?

‘Ik schreef toen bij GeenStijl. Onder mijn eigen naam, deels uit ijdelheid en eerzucht, deels ook omdat ik vind dat je moet staan achter je woorden, en dat mensen je moeten kunnen aanspreken op wat je zegt. Open vizier enzo. Toen werd ik gevraagd of ik voor EO Arena ergens over in discussie wilde, live TV. Ik dacht: welja, ik probeer het eens. In het geschreven woord kan ik me aardig uitdrukken, maar in een gesprek of debat is het heel anders natuurlijk. Dus ik ging het maar eens doen. Er zijn genoeg mensen in mijn omgeving die me zouden terugfluiten als ik hakkelend en zwetend mezelf voor schut zou zetten. Maar het ging wel aardig en ik vind het leuk, en dat is ook wel belangrijk. Je hoort vaak de klacht dat met name de NPO alleen politiek correcte types aan het woord laat, maar van sommige TV-redacties weet ik dat ze best moeite doen om niet altijd de usual suspects aan het woord te laten. Maar dat mensen vaak uitnodigingen afslaan. Dus niet piepen dat het bij de NPO een policor bende is en dan zelf niet komen als je voor een relevant onderwerp gevraagd wordt, vind ik. Idem voor meer vrouwen op tv: vrouwen slaan veel vaker af dan mannen.’

‘De slimste mens vond ik wel leuk omdat het een kennisquiz is, ik had ook enorm op m’n bek kunnen gaan. Verder hoef ik niet op TV omDAT het tv is, voor stomme spelletjes enzo hoeven ze me niet te bellen. Ik ben er niet anders door gaan schrijven, dat zou ik niet eens kunnen als ik het probeerde. Ik weiger me iets aan te trekken van gejengel over de toon en fatsoen en wat dies meer zij, maakt geen zak uit of iemand daarom niet met me wil werken of dat ik geen vriendjes maak bij de televisie, kan mij dat schelen. TV is mijn vak niet en ik hoef niet beroemd te zijn. En me anders gedragen al helemaal niet, hoewel het nou eenmaal een feit is dat mensen je eerder herkennen en aanspreken naar aanleiding van TV-dingen dan naar aanleiding van geschreven werk.’

Als je geen schrijfster was, wat zou je dan willen zijn?

‘Ik ben jarenlang dierenartsassistent geweest, dat was een erg leuk vak. Het verdient alleen geen stuiver, en om mijn brein bezig te houden zou ik evengoed schrijven denk ik. Op een blogje ofzo.’

Kun jij over elk onderwerp schrijven? Of heb je zo je favoriete/ liever niet onderwerpen?

‘In principe wel natuurlijk, in opdracht kunnen werken is wel handig. Als een opdrachtgever in de commerciële sfeer een lyrisch stukje over smeerkaas wil, dan krijgt hij dat. Qua opinie zijn er wel discussies waar ik me niet in meng, bijvoorbeeld Israël-Palestina. Ik ben uiteraard voor het behoud van de democratische rechtsstaat Israël maar ik vind het zinloos om daar over te schrijven. Niemand overtuigt elkaar, alle dooddoeners komen altijd weer in een cirkeltje langs, vermoeiend. Op dossiers waar beweging in zit, dingen die ik belangrijk vind voor onze maatschappij, daar schrijf ik het liefste over. Integratie, islam, doorgeslagen Deuggekte, feminisme, maar ook over de kwaden van de alternatieve en anti-vaxx ‘genees’kunst mag ik graag een kolommetje tikken.’

Heb je weleens last van writers block?

‘Nee eigenlijk nooit. Ik probeer twee weken per jaar vakantie te hebben en dan echt niet te werken, dat lukt en dat vind ik prettig maar daarna wil ik wel weer dingen ergens van vinden.’

Ben je altijd jezelf in je artikelen, columns en tweets? Of laat je je alter ego ook weleens aan het woord?

‘Hier maak ik onderscheid tussen wat opdrachtgevers willen en mijn columns. Voor Veronica Magazine maak ik reportages en interviews over tv en entertainment, ik heb daar niet de behoefte noch de ruimte om mijn eigen persoontje in te profileren en dat is ook niet professioneel. Of als ik een commerciële tekst maak, als schrijver in dat veld moet je gewoon iets kunnen uitleggen of aanprijzen waar je zelf misschien niks mee hebt. ‘Enige uitjes voor gezinnen met 3 kinderen onder de 4 én glutenallergie!’, hoppa. Ik tik het zó.’

‘In mijn eigen werk en op social media heb ik geen alter ego, dat vind ik zo iets raars, een alter ego hebben. Over mijn privé-leven schrijf ik nooit, ik kan me voorstellen dat je gebeurtenissen daarin wat verandert of overdrijft voor het belang van je verhaal. Maar verder, je werkt toch gewoon als jezelf? Het is voor mijn lezers altijd duidelijk wat ze lezen, ik pretendeer niet objectief te zijn als ik verslag doe van bijvoorbeeld die vreselijke Ieder1 demonstratie en dat hoeft ook niet, de lezer is niet debiel.’

Op social media lees je onmiddellijk wat mensen van je uitspraken vinden. Ook als ze het niks vinden. Of erger. Hoe ga jij daar mee om?

‘Complimenten zijn fijn en ik voel me zeer gewaardeerd en dankbaar als iemand zegt: ‘Ik vind dat ook maar zou het niet zo onder woorden kunnen brengen’. Er zijn veel mensen niet gehoord in dit land en mijn meninkjes zijn niet altijd per se origineel maar kennelijk soms wel een vertolking van wat veel mensen vinden, dat vind ik mooi. Inhoudelijke kritiek is ook altijd goed natuurlijk, en schelders en haters; het raakt me gewoon niet. Al die schrijfmeisjes (ja, bijna altijd meisjes) die, zodra ze met een twitter-shitstormpje te maken krijgen, meteen een huilcolumn schrijven over ‘het open riool twitter’ enzo. Grow up! Er is echt iets mis met jezelf als jij je laat intimideren of zelfs kwetsen door wildvreemden.’

Van wie lees jij zelf graag artikelen, boeken of columns?

Ik lees de hele dag artikelen en columns, en veel te weinig boeken. Het is lastig om namen te noemen omdat ik zeker mensen vergeet. Maargoed, als ik er een paar noem, en dan beperk ik mij tot een kort en onvolledig rijtje: Hafid Bouazza is een groot schrijver en een scherpe opiniemaker, Rob Hoogland is een begrip, Sylvia Witteman is de énige vrouw die over huiselijke zaken kan schrijven zonder mutsigheid, en een van de weinige vrouwen met humor, Pritt van Geenstijl is de beste stilist van dit land en Nikki Sterkenburg is een ouderwetse journaliste in de beste betekenis van dat woord. Ik lees graag boeken van A. F. Th. Van der Heijden, Louis Couperus, Gerard Reve, John Steinbeck, Charles Bukowski, ook weer een zeer onvolledig lijstje maar ja: keuzes, keuzes.’

Je bent een enthousiaste twitteraar. Wat doe jij als Twitter stopt?

‘Wat anders. Even afwachten wat na Twitter het nieuwe platform zal zijn en dan daar neerstrijken en verder kwetteren.’

Welke vraag zou je je meest trouwe lezer willen stellen?

‘Ik zou eerst iets willen zeggen: ik hou nooit rekening met wat u graag zou willen lézen, ik schrijf altijd maar wat ik wil zéggen. Bedankt dat u me dat toestaat en toch blijft lezen, en dan mijn vraag: waar zou ik echt over moeten schrijven, of juist eens over moeten ophouden?’

Aan wie wil je De Ganzenveer doorgeven?

‘Ebru Umar, ex-hoofdredacteur van FAB, columnist, waarlijk feministisch dus zeikt nooit, dapper, genereus, slechte muzieksmaak (ABBA! Acda en de Munnik!) en taartjesgoeroe.’